Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

Raadsvergadering archief

dinsdag 9 juni 2015

18:45
Locatie

Raadzaal

Toelichting

Raadsbijeenkomst 9 juni 2015

Uitzending

Agendapunten

  1. 1
    Verklaring der letters: (B) = beeldvormende vergadering (O) = oordeelvormende vergadering
  2. 2
    18.45 - 19.00 uur Ontvangst met koffie (Burgerzaal)
  3. 12
    20.45 - 21.00 uur Pauze
  4. 13
    21.00 - 23.00 uur Besluitvormende raadsvergadering
  5. 14
    Gelegenheid tot inspreken over niet-geagendeerde onderwerpen
  6. 15
    Opening
  7. 16

  8. 17
    Mededelingen
  9. 18

  10. 19

    Bijlagen

  11. 20

    a. Ontwerpbegroting 2016 GGD Flevoland


    b. Wijziging begroting i.v.m. toekenning Huishoudelijke Hulp Toelage


    c. Regionale voorziening huiselijk geweld


    d. Voorinvesteringen versterken vrijetijdseconomie kust

    Besluiten

    1. In te stemmen met de realisatie van een regionale voorziening (Oranje Huis) ter uitvoering van de wettelijke taak opvang en begeleiding van slachtoffers van huiselijk geweld;
    2. De decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang - als deze wordt doorgedecentraliseerd naar de afzonderlijke gemeenten - in ieder geval t/m het 6e jaar na opening van het Oranje Huis (naar verwachting t/m 2022), gedeeltelijk in te blijven zetten voor de financiering van het Oranje Huis;
    3. Mocht het Oranje Huis in het 7e t/m het 10e jaar leeg komen te staan, de eenmalige herstelkosten in verband met het weer geschikt maken van het gebouw voor sociale verhuur, ten laste te brengen van de (door gedecentraliseerde) decentralisatie- uitkering Vrouwenopvang.

    In de Programmabegroting 2015 zowel aan de inkomsten- als uitgavenkant € 626.000 op te nemen in verband met de toekenning van de Huishoudelijke Hulp Toelage

    Kennis te nemen van de ontwerpbegroting 2016 en de meerjarenraming 2017-2019 van GGD Flevoland en daarop de zienswijze, zoals verwoord in de bijgevoegde brief aan de GGD, in te dienen.

    Van het door de raad beschikbaar gestelde krediet van
    € 601.249,00, raadsbesluit d.d. 16 december 2014 (reg. nr. 141057862), in afwijking van dat besluit al, vooruitlopend op provinciale toekenning van een bijdrage voor de bredere planontwikkeling, voor een bedrag van
    € 273.240,00 te investeren in voorzieningen voor de riviercruiseschepen.

  12. 21

  13. 22

    Besluit

    1.1 Kennis te nemen van het advies van BBN (bijlage 1), de Toelichting op Flevokust (bijlage 2) en de keuzes die de raad voor de ontwikkeling van Flevokust voorliggen;
    1.2 Om, conform het advies van BBN als gemeente zelf een eerste “organische” fase van 7,4 hectare bruto (keuze 2) binnendijks te ontwikkelen op basis van bijgesloten grondexploitatie (bijlage 3) die een risico op een tekort kent van € 494.909,00 netto contant;
    1.2.1. Het mogelijk tekort van fase 1 -netto contant € 494.909,00- te dekken uit de ISV reserve door € 84.384,00 te onttrekken in 2016 en
    € 430.000,00 te onttrekken in 2020 en het resterende netto contante tekort van
    € 50.833,00 binnen de grondexploitatie Flevokust te verrekenen met de post onvoorzien;
    1.2.2. De benodigde risicobuffer voor fase 1 – groot € 1,38 mln. – te betrekken bij de totale weerstandscapaciteit van de gemeente;
    1.2.3. De bij fase 1 behorende grondexploitatie vast te stellen, onder voorwaarde van instemming met voorstel 1.2.1 en 1.2.2;
    1.2.4. De door het college op grond van artikel 25 lid 2 Gemeentewet opgelegde geheimhouding op de bijlage 1.1 (advies BBN plus notitie) en 3 (grondexploitatie binnendijks) te bekrachtigen op grond van artikel 25 lid 3 Gemeentewet;
    2.1 De navolgende bedrijfsactiviteiten te verwijderen uit de door het college voorgestelde bedrijvenlijst:
    a. Vetsmelterijen;
    b. Recyclingbedrijven voor afgewerkte olie;
    c. Gassenfabrieken (niet en wel explosief);
    d. Anorganische en organische chemische grondstoffenfabrieken;
    e. Kunstharsenfabrieken e.d.;
    f. Kruit-, vuurwerk-, springstoffenfabrieken;
    g. Kolenterminal opslag;
    h. Groothandel vloeibare/gasvormige brandstoffen, metaalertsen;
    i. Vuilstortplaats;
    j. Composteerbedrijf niet belucht;
    k. Smeeroliën en vettenfabrieken;
    l. Bitumineuze materialenfabrieken;
    m. Groothandel chemische producten;
    n. Groothandel afval en schroot;
    o. Autosloperijen;
    p. Afvalverbrandingsinrichtingen
    2.2 Naast de door het college voorgestelde (en op grond van 2.1 aangepaste) bedrijvenlijst een tweede lijst te hanteren van bedrijfsactiviteiten die toelaatbaar zijn na een daartoe strekkend collegebesluit, op grond van een daartoe in het bestemmingsplan op te nemen wijzigingsbevoegdheid;
    2.3 Daartoe de bedrijvenactiviteiten die zijn opgenomen in de kolommen R, C en A van de vergelijkende bedrijvenlijst uit de schriftelijke collegereactie aan de VVD, voor zover die niet vallen onder de op grond van 2.1 verwijderde categorieën, uit te nemen en deze in die tweede lijst te plaatsen;
    2.4 Het op basis van 2.1, 2.2 en 2.3 aangepaste ontwerp bestemmingsplan Flevokust binnendijks met bijlagen (waaronder “de zonering van bedrijven” en de aangepaste bedrijvenlijst) in het kader van de bestemmingsplanprocedure, ter inzage te leggen.



    De motie draagt het college op :
    t.b.v. de verdere ontwikkeling van Flevokust een begeleidingsgroep in te richten, bestaande uit de betrokken overheden, partners in de ontwikkeling van Flevokust en een representatieve vertegenwoordiging van de belanghebbenden uit de omgeving (agrariërs, bewoners etc.).
    Een overleg- en besluitvormingsstructuur te ontwikkelen waarin snel en zorgvuldig handelen op basis van onderbouwde signalering en voortdurende monitoring van de ontwikkeling hoge prioriteit krijgen;
    Waarbij inhoudelijk sterk (maar niet uitsluitend) gefocust wordt op mogelijke vervuiling via grond- en/of oppervlaktewater, fijnstof en geluidhinder;
    De samenstelling, werkwijze en de benadering van signalering en monitoring bij de vaststelling van het bestemmingsplan Flevokust ter informatie aan de raad te verstrekken.

  14. 24
    Gelegenheid tot het stellen van mondelinge vragen (art. 38)