- Locatie
Raadzaal
- Toelichting
-
gemeenteraad 10 februari 2015
- Agenda documenten
Uitzending
Agendapunten
-
1Verklaring der letters: (B) = beeldvormende vergadering (O) = oordeelvormende vergadering
-
218.45 - 19.00 uur Ontvangst met koffie (Burgerzaal)
-
3
Bijlagen
-
4
Bijlagen
-
5
Bijlagen
-
620.45 - 21.00 uur Pauze
-
721.00 - 23.00 uur Besluitvormende raadsvergadering
-
8Opening
-
9
Bijlagen
-
10Mededelingen
-
11
Bijlagen
-
12
Bijlagen
-
13
Bijlagen
Besluit
- De checklist Vroegtijdige Betrokkenheid Raad (VBR)voor het bestemmingsplan Lelystad Luchthaven uitbreiding start- en landingsbaan en nieuwbouw Terminal vast te stellen ;
- In verband met het feit dat de inhoud van het
bestemmingsplan wordt bepaald door het (ontwerp) Luchthavenbesluit geen concept ontwerpbestemmingsplan op te stellen.
-
14
Bijlagen
Besluit
Vast te stellen de navolgende “Gedragscode bestuurlijke integriteit voor de burgemeester en de wethouders van de gemeente Lelystad 2015”
GEDRAGSCODE voor de burgemeester en de wethouders van de gemeente Lelystad
Artikel 1 Algemene bepalingen
1.1 Onder het college wordt verstaan: het college van de gemeente Lelystad.
1.2 Deze gedragscode geldt voor alle leden van het college.
1.3 In gevallen waarin de code niet voorziet of waarbij de toepassing niet eenduidig is vindt bespreking plaats in het college.
1.4 De code is openbaar en door iedereen op toegankelijke wijze te raadplegen.
1.5 B&W ontvangt bij het aantreden een exemplaar van de code.
Artikel 2 Kernbegrippen bestuurlijke integriteit
2.1 Een aantal kernbegrippen is daarbij leidend en plaatst bestuurlijke integriteit in een breder perspectief.
- Dienstbaarheid
Het handelen van een bestuurder is altijd en volledig gericht op het belang van de gemeente en op de organisaties en burgers die van de gemeente onderdeel uitmaken.
- Functionaliteit
Het handelen van een bestuurder heeft een herkenbaar verband met de functie die hij vervult in het bestuur.
- Onafhankelijkheid
Het handelen van een bestuurder wordt gekenmerkt door onafhankelijkheid, dat wil zeggen dat geen vermenging optreedt met oneigenlijke belangen en dat ook iedere schijn van een dergelijke vermenging wordt vermeden.
- Openheid
Het handelen van een bestuurder is transparant opdat optimale verantwoording mogelijk is en
de burgers volledig inzicht hebben in het handelen van de bestuurder en zijn beweegredenen daarbij.
- Betrouwbaarheid
Op een bestuurder moet men kunnen rekenen. Die houdt zich aan zijn afspraken. Kennis en informatie waarover hij uit hoofde van zijn functie beschikt wendt hij aan voor het uitoefenen van zijn ambt.
- Zorgvuldigheid
Het handelen van een bestuurder is zodanig dat alle organisaties en burgers op gelijke wijze en met respect worden bejegend en dat belangen van partijen op correcte wijze worden afgewogen.
2.2 Deze kernbegrippen vormen de toetssteen voor de in deze code vastgelegde gedragsafspraken.
Artikel 3 Belangenverstrengeling
3.1 De burgemeester en de wethouders doen opgave van hun financiële belangen in ondernemingen en organisaties.
3.2 Bij privaatpublieke samenwerkingsrelaties voorkomen de burgemeester en de wethouders (de schijn van) bevoordeling in strijd met eerlijke concurrentieverhoudingen.
3.3 Een voormalig burgemeester, dan wel voormalig wethouder wordt het eerste jaar na de beëindiging van zijn ambtstermijn uitgesloten van het verrichten van betaalde werkzaamheden voor de gemeente Lelystad.
3.4 Indien de onafhankelijke oordeelsvorming over een onderwerp in het geding kan zijn, geeft de burgemeester c.q. de wethouder bij de besluitvorming daarover aan in hoeverre het onderwerp hem persoonlijk aangaat.
3.5 De burgemeester of een wethouder die familie- of vriendschapsbetrekkingen of anderszins persoonlijke betrekkingen heeft met een aanbieder van diensten of zaken aan de gemeente, onthoudt zich van deelname aan de besluitvorming over de betreffende opdracht.
3.6 De burgemeester noch een wethouder neemt van een aanbieder van diensten aan de gemeente of een indiener van een verzoek, geschenken, faciliteiten of diensten aan.
3.7 De wethouders vervullen geen nevenfuncties die conflicteren met de invulling van de uitoefening van hun wethouderschap.
3.8 De burgemeester en de wethouders geven ten behoeve van de openbaarmaking van hun nevenfuncties aan voor welke organisatie de functies worden verricht, wat het tijdsbeslag is en of de functies bezoldigd zijn.
3.9 De burgemeester en de wethouders behouden geen inkomsten uit een nevenfunctie. De inkomsten komen ten goede aan de kas van de gemeente.Artikel 4 Informatie
4.1 De burgemeester en de wethouders gaan zorgvuldig en correct om met informatie waarover zij uit hoofde van het ambt beschikken. Zij zorgen ervoor dat stukken met vertrouwelijke gegevens veilig worden opgeborgen en dat computerbestanden zo goed mogelijk beveiligd zijn.
4.2 De burgemeester en de wethouders verstrekken geen informatie die vertrouwelijk of geheim is, zolang het orgaan dat de geheimhouding heeft opgelegd of waarin de vertrouwelijkheid is afgesproken deze niet heeft opgeheven.
4.3 De burgemeester en de wethouders houden geen informatie achter, tenzij deze geheim of vertrouwelijk is en het niet geven van informatie mogelijk is op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur.
4.4 De burgemeester en de wethouders maken ten eigen bate of ten bate van hun persoonlijke betrekkingen geen gebruik van in de uitoefening van het ambt verkregen informatie.
4.5 De burgemeester en de wethouders gaan verantwoord om met de e-mail- en internetfaciliteiten van de gemeente en gebruik van social media zowel in het publieke domein als in het privédomein.
Artikel 5 Aannemen van geschenken, diensten en uitnodigingen
5.1 De burgemeester en de wethouders accepteren geen geschenken, faciliteiten of diensten waarvan de waarde hoger is dan € 50.
5.2 Geschenken en giften die de burgemeester en de wethouders uit hoofde van hun functie ontvangen, worden gemeld en geregistreerd.
5.3 Geschenken en giften die de burgemeester en de wethouders uit hoofde van hun functie ontvangen en die een geschatte waarde van meer dan € 50 vertegenwoordigen zijn eigendom van de gemeente. Er wordt een gemeentelijke bestemming voor gezocht. Geschenken en giften die een waarde van € 50 of minder vertegenwoordigen kunnen worden behouden.
5.4 Het uitgangspunt is dat giften en geschenken boven de € 50 niet thuis worden ontvangen. Indien dit toch gebeurt, wordt dit in het college gemeld.
5.5 Aanbiedingen voor privéwerkzaamheden of kortingen op privégoederen worden niet geaccepteerd.
5.6 B&W maken in het college melding van uitnodigingen voor excursies en evenementen op kosten van derden.
Artikel 6 Bestuurlijke uitgaven
6.1 Uitgaven worden uitsluitend vergoed als de hoogte en de functionaliteit ervan kunnen worden aangetoond. De burgemeester en de wethouders zijn terughoudend bij het in rekening brengen van uitgaven die zich op het grensvlak van privé en publiek bevinden.
6.2 Ter bepaling van de functionaliteit van bestuurlijke uitgaven worden de volgende criteria gehanteerd.
- Met de uitgave is het belang van Lelystad gediend
- De uitgave vloeit voort uit de functie.
Artikel 7 Onkostenvergoedingen
7.1 De burgemeester en de wethouders declareren geen kosten die reeds op andere wijze worden vergoed.
7.2 Er worden geen creditcards verstrekt aan collegeleden. Alleen de gemeentesecretaris beschikt over een creditcard die ook gebruikt kan worden indien een reis uitsluitend met een creditcard geboekt kan worden.
7.3 De gemeentesecretaris is verantwoordelijk voor een deugdelijke administratieve afhandeling en registratie van de declaraties.
7.4 Declaraties worden afgewikkeld volgens een daartoe vastgestelde administratieve procedure.
Artikel 8 Buitenlandse reizen
8.1 De burgemeester en de wethouders die het voornemen hebben, uit hoofde van zijn functie, een buitenlandse reis te maken of zijn uitgenodigd voor een buitenlandse reis of werkbezoek, hebben vooraf toestemming nodig van het college. Het college doet van de reis melding aan het presidium.
8.2 Buitenlandse reizen op kosten van derden vormen een risico op belangenverstrengeling en vinden daarom niet plaats.
8.3 De burgemeester en de wethouders melden het voornemen tot een buitenlandse reis of een uitnodiging daartoe in het college en verschaffen daarbij informatie over het doel van de reis, de bijbehorende beleidsoverwegingen, de samenstelling van het gezelschap, de geraamde kosten en de wijze waarop van de reis verslag wordt gedaan.
8.4 Het ten laste van de gemeente meereizen van de partner van een politieke ambtsdrager naar en in het buitenland is toegestaan wanneer dit gebeurt op uitnodiging van de ontvangende partij en/of het belang van de gemeente daarmee gediend is.
8.5 Het anderszins meereizen naar en in het buitenland van partners op kosten van de gemeente is niet toegestaan. Het meereizen van partners op eigen kosten is toegestaan.
8.6 Het verlengen van een buitenlandse dienstreis voor privédoeleinden is toegestaan. De extra reis- en verblijfkosten komen volledig voor rekening van het betreffende collegelid.
8.7 De in verband met de buitenlandse dienstreis gedane functionele uitgaven worden vergoed conform de geldende regelingen. Uitgaven worden vergoed voor zover zij redelijk en verantwoordelijk worden geacht.
Artikel 9 Gemeentelijke voorzieningen
9.1 Gebruik van gemeentelijke eigendommen of - voorzieningen voor privédoeleinden is niet toegestaan, tenzij het betreft de bruikleen van een fax, mobiele telefoon, tablet en computer die mede voor privédoeleinden kunnen worden gebruikt.
9.2 Het college kan bepalen dat zij voor hun dienstreizen gebruik maken van de taxi en dat van de taxi gebruik kan worden gemaakt voor zakelijke reizen of voor zakelijke reizen voor de uitoefening van q.q.- nevenfuncties.Artikel 10 Relatie met de raad
De burgemeester en de wethouders geven er in hun optreden blijk van de raad te respecteren als het hoogste bestuursorgaan van de gemeente. Zij zijn zorgvuldig en betrouwbaar in de omgang met de raad en zijn leden.Artikel 11 Relatie binnen het college
De burgemeester en de wethouders geven er in hun optreden zowel ten opzichte van derden als ten opzichte van elkaar blijk van het college en de burgemeester te respecteren als dagelijkse bestuursorganen van de gemeente. Zij zijn zorgvuldig, open en betrouwbaar in hun omgang in het college en met de burgemeester, en hebben transparante werkrelaties met deze bestuursorganen.
Artikel 12 Relatie met de ambtelijke organisatie
De burgemeester en de wethouders zijn zorgvuldig, open en betrouwbaar in hun omgang met de ambtelijke organisatie. Zij hebben transparante werkrelaties met alle medewerkers. De burgemeester en de wethouders respecteren de professionaliteit van de ambtenaren.Artikel 13 Handhaving
13.1 De burgemeester stelt de gedragscode en de naleving ervan één keer per jaar aan de orde in het college.Artikel 14. De rol van de burgemeester
14.1 De burgemeester heeft een eigen actieve rol ten aanzien de gedragingen van de collegeleden.
14.2 De burgemeester ziet toe op de naleving van de gedragscode.
Artikel 15 Inwerkingtreding
De Gedragscode voor de burgemeester en de wethouders van de gemeente Lelystad treedt in werking op de dag nadat deze is vastgesteld, onder gelijktijdige intrekking van de Gedragscode bestuurlijke integriteit voor burgemeester en wethouders van 26 juni 2003. -
15
Bijlagen
Besluit
Vast te stellen de “Gedragscode voor de raadsleden van de gemeente Lelystad” en gelijktijdig in te trekken de “Gedragscode integriteit voor raadsleden” d.d. 6 april 2006.
Gedragscode voor de raadsleden van de gemeente Lelystad
Artikel 1 Algemene bepalingen
- Deze gedragscode geldt voor alle raadsleden en officieel aangewezen fractieassistenten.
- In gevallen waarin de code niet voorziet of waarbij de toepassing niet eenduidig is, vindt bespreking plaats in het presidium.
- Raadsleden en officieel aangewezen fractieassistenten ontvangen bij hun benoeming resp. aanwijzing de gedragscode.
Artikel 2 Kernbegrippen bestuurlijke integriteit
Een aantal kernbegrippen is leidend en plaatst bestuurlijke integriteit in een breder perspectief.- Dienstbaarheid
Het handelen van een bestuurder is altijd en volledig gericht op het belang van de gemeente en op de organisaties en burgers die van de gemeente onderdeel uitmaken. - Functionaliteit
Het handelen van een bestuurder heeft een herkenbaar verband met de functie die hij vervult in het bestuur. - Onafhankelijkheid
Het handelen van een bestuurder wordt gekenmerkt door onafhankelijkheid, dat wil zeggen dat geen vermenging optreedt met oneigenlijke belangen en dat ook iedere schijn van een dergelijke vermenging wordt vermeden. - Openheid
Het handelen van een bestuurder is transparant waardoor optimale verantwoording mogelijk is en de burgers volledig inzicht hebben in het handelen van de bestuurder en zijn beweegredenen daarbij. - Betrouwbaarheid
Op een bestuurder moet men kunnen rekenen. Die houdt zich aan zijn afspraken. Kennis en informatie waarover hij uit hoofde van zijn functie beschikt gebruikt hij uitsluitend voor het uitoefenen van zijn ambt. - Zorgvuldigheid
Het handelen van een bestuurder is zodanig dat alle organisaties en burgers op gelijke wijze en met respect worden behandeld en dat belangen van partijen op correcte wijze worden afgewogen.
Artikel 3 Belangenverstrengeling en aanbesteding
- Een raadslid doet opgave van zijn financiële belangen in ondernemingen en organisaties waarmee de gemeente zakelijke betrekkingen onderhoudt als dat belang groter is dan 5% van het aandelenkapitaal. De opgave is openbaar en door derden te raadplegen.
- Bij privaatpublieke samenwerkingsrelaties voorkomt een raadslid (de schijn van) bevoordeling in strijd met eerlijke concurrentieverhoudingen.
- Een oud-raadslid verricht in principe het eerste jaar na de beëindiging van zijn ambtstermijn geen werkzaamheden voor de gemeente tegen beloning.
- Als de onafhankelijke oordeelsvorming over een onderwerp in het geding kan zijn, geeft een raadslid bij de besluitvorming daarover aan in hoeverre het onderwerp hem persoonlijk aangaat.
- Een raadslid dat familie- of vriendschapsbetrekkingen of andere persoonlijke betrekkingen heeft met een aanbieder van diensten aan de gemeente, neemt niet deel aan de besluitvorming over de desbetreffende opdracht.
- Een raadslid neemt van een aanbieder van diensten aan de gemeente of een indiener van een verzoek geen geschenken, faciliteiten of diensten aan.
- Een raadslid dat een functie bekleedt bij een organisatie die een belang heeft bij een door de gemeenteraad te nemen besluit, neemt niet deel aan de stemming over dat besluit.
- Een raadslid vervult geen andere functies dan het lidmaatschap van de raad tenzij er geen strijdigheid is of kan zijn met het belang van de gemeente of (eventuele) aantasting van de integriteit van het raadslid.
- Een raadslid geeft aan welke andere functies dan het lidmaatschap van de raad hij vervult, voor welke organisatie(s) de functies worden verricht, wat het tijdsbeslag is en of de functies bezoldigd zijn. Deze gegevens worden geplaatst op de website van de gemeente.
Artikel 4 Informatie
- Een raadslid gaat zorgvuldig en correct om met informatie waarover hij uit hoofde van zijn ambt beschikt. Hij zorgt ervoor dat stukken met vertrouwelijke gegevens veilig worden opgeborgen en dat computerbestanden zo goed mogelijk beveiligd zijn.
- Een raadslid verspreidt geen geheime of vertrouwelijke informatie.
- Een raadslid maakt voordat openbare besluitvorming heeft plaatsgevonden niet in zijn voordeel of in het voordeel van zijn persoonlijke betrekkingen gebruik van in de uitoefening van het ambt verkregen informatie.
- Een raadslid gaat verantwoord om met de e-mail- en internetfaciliteiten van de gemeente en het gebruik van social media, zowel in zijn functie als privé.
Artikel 5 Aannemen van geschenken, giften, faciliteiten, diensten en uitnodigingen
- Raadsleden accepteren geen geschenken, giften, faciliteiten, diensten en uitnodigingen als hun onafhankelijke positie hierdoor kan worden beïnvloed, of de schijn hiervan kan worden gewekt.
- Geschenken, giften, faciliteiten, diensten en uitnodigingen die een raadslid vanwege zijn functie ontvangt worden in het presidium gemeld en zijn eigendom van de gemeente. Er wordt een gemeentelijke bestemming voor gezocht.
- Geschenken, giften, faciliteiten of diensten die een waarde van minder van € 50,00 vertegenwoordigen, kunnen in afwijking van het bovenstaande door een raadslid worden aanvaard en hoeven niet te worden gemeld en geregistreerd.
- Geschenken, giften of faciliteiten worden niet op het huisadres ontvangen. Als dit toch is gebeurd, wordt dit gemeld in het presidium. Het presidium besluit over de bestemming van het geschenk, de gift of faciliteit.
- Excursies en werkbezoeken op uitnodiging en rekening van derden worden gemeld in het presidium.
Artikel 6 Onkostenvergoedingen
- Een raadslid declareert geen kosten bij de gemeente, tenzij een andere door de raad vastgestelde, of hogere regeling daarin voorziet.
- Een raadslid declareert geen kosten die al op andere wijze worden vergoed.
Artikel 7 Gemeentelijke voorzieningen
Gebruik van gemeentelijke eigendommen en voorzieningen voor privédoeleinden is niet toegestaan, tenzij het gaat om in bruikleen gegeven voorzieningen zoals I-pads, printers, mobiele telefoons die ook voor privédoeleinden kunnen worden gebruikt.
Artikel 8 Meningsuitingen
- Een raadslid stelt de persoonlijke integriteit van leden van college, raad en medewerkers van de ambtelijke organisatie niet zonder bewijs ter discussie.
- De toonzetting van uitspraken van een raadslid zijn niet persoonlijk beledigend of kwetsend.
- De privacy van raadsleden, collegeleden en medewerkers van de ambtelijke organisatie wordt in het debat gerespecteerd.
Artikel 9 Onderlinge verhoudingen
- Een raadslid laat in zijn optreden zien het college en de burgemeester te respecteren als bestuursorganen van de gemeente. Het raadslid is zorgvuldig, open en betrouwbaar in omgang met (de leden van) de raad en (de leden van) het college en heeft transparante werkrelaties met de leden van het college.
- Een raadslid is zorgvuldig, open en betrouwbaar in de omgang met de medewerkers van de ambtelijke organisatie.
Artikel 10 Handhaving van de gedragscode
- Raadsleden spreken elkaar aan op het gedrag.
- Als ernstige vermoedens bestaan dat de wet of gedragscode geschonden worden kan de voorzitter van de raad een onderzoek instellen.
- Als geen verandering optreedt in het gedrag kan de kwestie om advies worden voorgelegd aan het Bureau Integriteit Nederlandse Gemeenten.
- De voorzitter van de raad stelt de gedragscode en de naleving ervan één keer per jaar in het presidium aan de orde.
Artikel 11 De rol van de burgemeester
- De burgemeester heeft een eigen actieve rol ten aanzien van gedragingen van de raadsleden.
- De burgemeester ziet toe op de naleving van de gedragscode. Daarnaast zorgt hij ervoor dat het thema integriteit in zijn algemeenheid regelmatig op de agenda staat en dat in het presidium voldoende ruimte is om relevante thema’s te bespreken.
- Als hij vermoedt dat een raadslid een onderdeel van de gedragscode overtreedt, spreekt hij het raadslid daarop aan en stelt zo nodig een onderzoek in. Andere raadsleden kunnen de burgemeester verzoeken naar een bepaalde gedraging onderzoek in te stellen.
Artikel 12 Inwerkingtreding
De gedragscode voor de raadsleden van de gemeente Lelystad treedt in werking op de dag nadat deze is vastgesteld. -
16
Bijlagen
Besluit
- Een budget beschikbaar te stellen voor Revitalisering Bedrijventerrein Larserpoort ad € 1.300.000,- onder de voorwaarde dat de Provincie een beschikking afgeeft voor de subsidie ter grootte van € 500.000,- en dit budget te dekken uit de subsidie en het resterende bedrag uit de grondexploitatie Larserpoort;
- De door het college ingevolge artikel 25, lid 2 van de Gemeentewet opgelegde geheimhouding op de financiële bijlage (bijlage 3) op grond van artikel 25 lid 3 van de Gemeentewet te bekrachtigen.
-
17
Bijlagen
Besluit
Voor de uitvoering van de ‘Verordening Startersleningen Lelystad 2015’ een tweede tranche van € 1.000.000 beschikbaar te stellen;
2. Dit bedrag als lening gefaseerd beschikbaar te stellen aan SVn voor uitvoering van de regeling starterslening;
3. Onder gelijktijdige intrekking van de ‘Verordening Starterslening Lelystad’ de navolgende ‘Verordening Startersleningen Lelystad 2015’ vast te stellen.
Verordening Startersleningen Lelystad 2015
Artikel 1 Begrippen
Deze verordening verstaat onder:
a) aanvrager: de starter, die voor de eerste maal een eigen woning koopt of verkrijgt en op grond van deze verordening tot de doelgroep van de Starterslening behoort. Bij twee aanvragers ten aanzien van eenzelfde woning gelden deze gezamenlijk als aanvrager en dienen zij beide te voldoen aan de hiervoor gestelde eis niet eerder een woning te hebben gekocht of verkregen. Onder verkrijgen wordt onder meer begrepen: verkrijging door huwelijksvermogensrecht of geregistreerd partnerschap, verkrijging krachtens erfrecht, schenking, recht van gebruik en bewoning, verkrijging van een woning in economische zin of anderszins;
b) college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lelystad;
c) Gemeenterekening Starterslening: een fondsrekening waaruit de gemeente, op grond van haar deelnemingsovereenkomst met SVn, Startersleningen kan toekennen en waarin de rente en de aflossingen over deze leningen kunnen worden teruggestort;
d) Starterslening: een lening die, na toekenning door het college, door SVn kan worden verstrekt aan aanvrager ten behoeve van de financiering van zijn eigen woning;NHG: Nationale Hypotheek Garantie, de publicitaire naam van de door Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen, gevestigd ’s- Gravenhage, verstrekte borgtocht;
e) SVn: stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten, gevestigd te Hoevelaken.
Artikel 2 Toepassingsbereik
- De gemeente Lelystad heeft een Gemeenterekening Starterslening ingericht waaruit aan aanvrager, die blijkens zijn aanvraag voldoet aan de hierna in lid 2 gestelde voorwaarden, een Starterslening kan worden toegekend. De Gemeenterekening Starterslening is ondergebracht bij SVn.
- Deze verordening is uitsluitend van toepassing op lening aanvragen:
a. Van in Nederland woonachtige en verblijfsgerechtigde personen, die op het moment van de aanvraag zelfstandig een huurwoning of wooneenheid bewonen dan wel inwonend zijn en niet eerder eigenaar zijn geweest van een woning.
b. Voor het verwerven van bestaande koopwoningen in de gemeente Lelystad, waaronder niet begrepen huurwoningen, die van een woningcorporatie, ontwikkelaar of belegger worden verkregen, waarvan de koopsom van de bestaande woning niet hoger is dan € 150.000,= en waarvan de totale kosten voor verkrijgen in eigendom (verwervingskosten) niet meer bedragen dan de maximaal toegestane koopsom (€ 150.000,=) vermeerderd met het actuele percentage bijkomende kosten. Het percentage bijkomende kosten wordt vastgesteld op de maximale verwervingskostengrens die volgens de NHG normen ten tijde van de aanvraag geldt. Meerwerk en verbeterkosten zijn toegestaan voor de berekening van de hoogte van de Starterslening. - De aanvrager moet de woning waarvoor een Starterslening wordt verstrekt zelf gaan bewonen.
Artikel 3 Budget
- De raad van de gemeente Lelystad stelt jaarlijks het budget vast dat beschikbaar is voor het toekennen van Startersleningen.
- Startersleningen worden alleen toegekend voor zover het vastgesteld budget hiervoor toereikend is.
- Aanvragen, die in verband met het tweede lid niet kunnen worden toegekend, worden door het college afgewezen.
Artikel 4 Deelnemingsovereenkomst
Voor zover daar niet vanaf wordt geweken is hetgeen bepaald is in de deelnemingsovereenkomst tussen de gemeente Lelystad en SVn onverkort van toepassing op de aanvraag.
Artikel 5 Bevoegdheid college
- Het college is bevoegd, met inachtneming van het bepaalde in deze verordening, een Starterslening
toe te kennen. - Het college stelt de hoogte van de Starterslening vast, met dien verstande dat de hoogte van de Starterslening maximaal 20% van de totale verwervingskosten bedraagt. De totale verwervingskosten kunnen niet meer bedragen dan het maximale bedrag volgens de, op het moment van offreren van de Starterslening, geldende actuele NHG normen.
- De Starterslening kan niet worden verstrekt indien een ander koopinstrument, (rente)kortings- of financiële regeling is toegekend.
- Het college wijst, zonodig op advies van SVn, een aanvraag Starterslening af, in geval er sprake is van stapeling met andere koopinstrumenten, (rente)kortings- of financiële regelingen, die strijdig zijn met de Starterslening en/of de belangen aantasten van aanvrager, NHG of eerste geldverstrekker.
- Zowel de eerste hypotheek als de Starterslening moeten worden verstrekt met NHG.
- Het college kan aan de toekenning van Startersleningen nadere voorschriften verbinden.
Artikel 6 Procedure aanvraag en toekenning
- Een aanvrager die, op grond van artikel 2 binnen het toepassingsbereik van de Starterslening valt, kan een SVn-aanvraagformulier Starterslening verkrijgen.
- De verdere afhandeling en besluitvorming vindt plaats in overeenstemming met de hierna in artikel 8 bedoelde Procedures en Gemeentelijke Uitvoeringsregels Starterslening (met inbegrip van de nadere toelichting van uitvoeringsaspecten Starterslening).
- Het college deelt de beslissing middels een toewijzing- of afwijzingsbesluit schriftelijk mee aan de aanvrager.
Artikel 7 Afwijzen aanvraag/intrekken toewijzing
- Het college wijst een aanvraag af of trekt een toewijzingsbesluit Starterslening in, indien:
a. het budget niet toereikend is om de aanvraag te honoreren;
b. er niet is voldaan aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften en/of bepalingen;
c. de Starterslening is toegekend of vastgesteld op grond van onjuiste gegevens;
d. de koopovereenkomst van de betreffende eigen woning wordt ontbonden. - Bij de intrekking vordert het college de contante waarde van het al genoten en/of toekomstige rentevoordeel geheel of gedeeltelijk terug, eventueel met de mogelijkheid van beslaglegging.
- Indien bij overtreding van de bepalingen in deze verordening de aanvrager verschoonbaar is, kan het college besluiten de bovengenoemde sancties geheel of gedeeltelijk achterwege te laten.
Artikel 8 Voorwaarden SVn
Op een Starterslening zijn van toepassing: ‘Algemene bepalingen voor geldleningen’, ‘Productspecificaties Starterslening’, ‘Procedures en Gemeentelijke Uitvoeringsregels Starterslening’, ‘Productspecificaties Bouwkrediet’ en ‘Toelichting op een SVn Financieringsplan (Starterslening)’, zoals die op het moment van toekenning zijn opgenomen in de dan geldende SVn Informatiemap, die deel uitmaakt van de Deelnemingsovereenkomst tussen gemeente Lelystad en SVn.
Artikel 9 Nadere regels
Het college kan voor de uitvoering van deze verordening nadere regels vaststellen.Artikel 10 Hardheidsclausule
Het college kan artikel 2 lid 2 buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voorzover van toepassing gelet op het belang van de aanvrager leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Artikel 11 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van bekendmaking.
Artikel 12 Citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening Startersleningen Lelystad 2015’. -
18
Bijlagen
Besluit
De inrichting van beleidsvoorbereiding naar een politiek-bestuurlijke borging van open overheid en open data zodanig te concretiseren, dat de inbreng van alle partijen gewaarborgd is;
2. Een beleidslijn voor openbaarheid vast te leggen in een zogenaamd ‘transparantiebeleid’;
3. Bij de beleidsontwikkeling ook de grenzen aan transparantie te bepalen;
4. De verdere uitwerking van open data en actieve openbaarmaking te baseren op een brede oriëntatie, met inbegrip van bijvoorbeeld zowel de ‘top 20’ als de opendata referentielijst;
5. Een elektronische toegankelijk openbaar documentenregister te publiceren, zodat de burger weet welke informatie de lokale overheid heeft (meta- informatie);
6. Niet alleen te beginnen met het beschikbaar stellen van de meest ‘veilige data’, maar ook spannender en voor inwoners meer relevante data toe te voegen. -
19
Bijlagen
Besluit
Kennis te nemen van het Rekenkamerrapport ‘Openbare ruimte, eigen beheer?’;
2. De inzichten van het rapport te betrekken bij toekomstige beleidsplannen betreffende de openbare ruimte. -
20Gelegenheid tot het stellen van mondelinge vragen (art. 38 RvO).
-
21
Bijlagen
-
22
Bijlagen
-
23
Bijlagen
-
24
Bijlagen
-
25
Bijlagen