Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

Technische vragen

TV 26.309 PVV Vaststelling wijziging Omgevingsplan gemeente Lelystad: Zuiderhage, fase 1

ID
1605
Datum vraag
21-05-2026
Onderwerp
TV 26.309 PVV Vaststelling wijziging Omgevingsplan gemeente Lelystad: Zuiderhage, fase 1
Agendapunt
Commissie Ruimte Ontwikkeling en Bereikbaarheid 2026 (7.b.1. 26.309 Vaststelling wijziging Omgevingsplan gemeente Lelystad: Zuiderhage, fase 1)
dinsdag 16 juni 19:30 tot 22:30
Presentatiezaal
Raadsleden
  • Ashwin van Stormbroek
  • Branco Buskens
Fractie
  • Fractie PVV
Fractieassistent
  • Melvin Bax
Vraag
1. Nu ProRail expliciet aangeeft dat station Lelystad Zuid géén vaststaand plan is: welk concreet mobiliteitsscenario ligt onder fase 1 als dit station er uiteindelijk niet komt, en kan het college onderbouwen dat de bereikbaarheid dan nog steeds voldoende is? 2. Welke concrete verkeersprognoses liggen ten grondslag aan deze eerste fase van maximaal 2.400 woningen, en wat betekent dit specifiek voor de verkeersdruk op de Larserdreef, Zuigerplasdreef, de A6-aansluiting en omliggende bestaande wijken? 3. Welke voorzieningen zijn in fase 1 daadwerkelijk juridisch, financieel of contractueel geborgd, en welke onderdelen zijn op dit moment feitelijk nog afhankelijk van latere marktinvulling of verdere uitwerking? 4. Welke publieke investeringen buiten dit omgevingsplan zijn feitelijk randvoorwaardelijk om fase 1 goed te laten functioneren, en welke daarvan zijn op dit moment nog niet definitief financieel gedekt? 5. Het participatierapport spreekt over brede participatie; kan het college concreet aangeven welke inhoudelijke wijzigingen in dit plan rechtstreeks het gevolg zijn van input van inwoners zelf? 6. Klopt het dat belangrijke onderdelen van leefbaarheid, bereikbaarheid en voorzieningen pas in latere ontwikkelkaders of verdere uitwerking concreet worden ingevuld, terwijl de raad nu al de planologische basis moet vaststellen? 7. Hoe voorkomt het college concreet dat woningen sneller gerealiseerd worden dan essentiële voorzieningen en infrastructuur, waardoor nieuwe bewoners in een wijk terechtkomen die nog niet volledig functioneert?
Antwoord
Hieronder volgt per gestelde vraag een reactie: 1. Zoals aangegeven in paragraaf 6.3 van de motivering bij het besluit (ondersteund door bijlage 4 en 5) is er bij de totstandkoming van deze wijziging nog niet uitgegaan van de realisatie van een nieuw NS station bij het motiveren van de toename van verkeersstromen. In paragraaf 6.3 staat aangegeven hoe Lelystad kan voorzien in de te verwachte toename van verkeersdrukte, waaronder de aanpassing van bestaande kruispunten. Ten behoeve van de mobiliteit voor fase 1, zijn er WOMO-middelen aangevraagd. Specifiek voor de aanpassing van een tweetal rotondes op de Larserdreef naar VRI-installaties en daarnaast voor de HOV-verbinding naar station Lelystad. Dit verbeterd de doorstroom en vergroot de bereikbaarheid. Fase 1 is niet afhankelijk van het station Lelystad Zuid en kan dus onafhankelijk worden ontwikkeld. Desalniettemin zetten wij in bij de ontwikkeling van fase 2 in op een station, wij komen hier t.z.t. graag voor een toelichting bij de gemeenteraad. 2. Voor de concrete uitwerking van de onderzoeksmethode verwijzen wij u naar bijlage 4 (verkeersrapport). Kortgezegd is de verwachte groei van het wegverkeer genomen richting 2030 en 2040, waarna de ontwikkeling van Zuiderhage is meegenomen in deze modellen, waarmee inzichtelijk wordt hoeveel extra verkeersdrukte statistisch gezien zou volgen uit de ontwikkeling van dit nieuwe stadsdeel. Voor de analyse van effecten op specifieke wegen verwijzen wij u naar pagina 6 en verder van bijlage 4. 3. Voor de planologische/juridische borging van het voorzieningen programma verwijzen wij u naar 3.2.3 van de motivering van het besluit, waarin aangegeven wordt welke functies mogelijk gemaakt worden. De concrete invulling van deze juridische kaders volgt later. De financiële dekking t.b.v. het onderwijsprogramma is geregeld, zie de volgende raadsbesluiten (opgenomen in de ‘toelichting’ hieronder). Voor het sportprogramma (Voetbal, tennis en pedel) zal dit binnenkort aan u worden voorgelegd. Daarnaast is er een gedeelte (5.000 m²) voorzieningen die met de uitgifte/ ontwikkeling van buurtschap 6 wordt meegegeven aan de markt om te ontwikkelen, in afstemming uiteraard met de uitvoeringsorganisatie Zuiderhage. 4. Zoals bij het antwoord van vraag 3 aangegeven, gaat dit om het sportprogramma (voetbal, tennis en padel). 5. Dit is beschreven in het onderdeel ; “Opbrengst participatie en verwerking daarvan’ van het participatierapport, een voorbeeld hiervan zijn de verschillende woningtypen en het stimuleren en faciliteren van ontmoetingen. De opgehaalde input heeft daarnaast vorm gekregen in de ontwikkelkaders, en wordt uiteraard meegenomen in de verdere uitwerking., het is een continue proces. 6. De aangeboden wijziging biedt het juridisch-planologische kader waarbinnen ontwikkelingen mogelijk zijn binnen het wijzigingsgebied. De concrete invulling binnen dit gebied gebeurd op basis van de juridische regels zoals opgenomen. De wijziging zoals voorgesteld voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en is positief beoordeeld op aspecten als leefbaarheid en bereikbaarheid. De ontwikkelkaders, een uitwerking van de door u vastgestelde Mastervisie, fungeren als kader voor het omgevingsplan. In de ontwikkelkaders zijn de belangrijke onderdelen; leefbaarheid, bereikbaarheid en voorzieningen gewaarborgd. De concrete uitwerking van bijvoorbeeld het onderwijsprogramma ligt bij de afdeling onderwijs i.s.m. het betreffende schoolbestuur en de uitvoeringsorganisatie, het sportprogramma is.sm. de afdeling sport, het sportbedrijf en tevens de uitvoeringsorganisatie. Voor het overige programma gaat dat bijvoorbeeld i.s.m. de afdeling wonen en het sociaal domein, de betreffende woningcorporatie en/ of marktpartij i.s.m. de uitvoeringsorganisatie. De uitvoeringsorganisatie wordt bij de ontwikkeling ondersteund door het kwaliteitsteam. Door parallel te plannen, worden enkele voorzieningen vooruit getrokken. Bijvoorbeeld de realisatie van de diverse basisscholen en de hoofdinfrastructuur door de uitvoeringsorganisatie alvast te laten aanleggen en niet uit te geven aan de markt.
Toelichting
Datum antwoord
08-06-2026